The Bible › Canisiusvertaling 1939 › John 14
Tomas zei Hem: Heer, we weten niet eens, waar Gij heengaat; hoe zouden we dan de weg kennen?
John 14:5 · Canisiusvertaling 1939
Thomas saith unto him, Lord, we know not whither thou goest; and how can we know the way?
“Lord,” said Thomas, “we do not know where You are going, so how can we know the way?”
Thomas said to him, “Lord, we don’t know where you are going. How can we know the way?”
Every translation above is public domain and free to share. Other versions — NIV · ESV · NKJV · NLT · NASB · CSB · AMP — are copyrighted and open on their publishers’ partner site.
2 In het huis van mijn Vader zijn vele woningen. Wanneer dit zo niet was, dan zou Ik het u hebben gezegd; want Ik ga er juist heen, om u een plaats te bereiden.
3 En wanneer Ik zal zijn heengegaan en u een plaats zal hebben bereid, dan kom Ik terug, en zal u tot Mij nemen; opdat ook gij moogt zijn, waar Ikzelf ben.
4 Gij kent de weg naar de plaats, waar Ik heenga. —
5 Tomas zei Hem: Heer, we weten niet eens, waar Gij heengaat; hoe zouden we dan de weg kennen?
6 Jesus sprak tot hem: Ik ben de weg, de waarheid en het leven; niemand komt tot den Vader, dan door Mij.
7 Daar gij nu Mij hebt gekend, zult gij ook den Vader kennen; van dit ogenblik af kent gij Hem, en hebt gij Hem gezien. —
8 Filippus zei Hem: Heer, laat ons den Vader zien; dan zijn we tevreden.
Read John 14 in the app The whole chapter