The Bible › Canisiusvertaling 1939 › Proverbs 5
Waarom, mijn zoon, zoudt ge u aan een vreemde te buiten gaan, De boezem strelen van een onbekende?
Proverbs 5:20 · Canisiusvertaling 1939
← PreviousRead Proverbs 5Next →
And why wilt thou, my son, be ravished with a strange woman, and embrace the bosom of a stranger?
Why be captivated, my son, by an adulteress, or embrace the bosom of a stranger?
For why should you, my son, be captivated with an adulteress? Why embrace the bosom of another?
Every translation above is public domain and free to share. Other versions — NIV · ESV · NKJV · NLT · NASB · CSB · AMP — are copyrighted and open on their publishers’ partner site.
17 Néén, u alleen behoren zij toe, Niet aan vreemden nevens u.
18 Houd dus uw bron voor u zelf, En geniet van de vrouw uwer jeugd:
19 Die aanminnige hinde, Die bevallige gems; Haar borsten mogen u ten allen tijde bevredigen. Aan haar liefde moogt ge u voortdurend bedwelmen.
20 Waarom, mijn zoon, zoudt ge u aan een vreemde te buiten gaan, De boezem strelen van een onbekende?
21 Voor de ogen van Jahweh liggen de wegen van iedereen open, Hij let op de paden van allen:
22 De boze wordt in zijn eigen wandaden verstrikt, In de banden van zijn zonden gevangen;
23 Zijn losbandigheid brengt hem om het leven, Door zijn vele dwaasheden komt hij om.
Read Proverbs 5 in the app The whole chapter