The Bible › Canisiusvertaling 1939 › Job 39
Toch rent ze weg, zodra de boogschutters komen, En spot met het paard en zijn ruiter!
Job 39:18 · Canisiusvertaling 1939
What time she lifteth up herself on high, she scorneth the horse and his rider.
Yet when she proudly spreads her wings, she laughs at the horse and its rider.
When she lifts up herself on high, she scorns the horse and his rider.
Every translation above is public domain and free to share. Other versions — NIV · ESV · NKJV · NLT · NASB · CSB · AMP — are copyrighted and open on their publishers’ partner site.
15 Ze vergeet, dat een voet ze vertrappen kan, Dat de wilde beesten ze kunnen verpletteren;
16 Ze is hard voor haar jongen, alsof het de hare niet zijn, Het deert haar niet, al is haar moeite vergeefs:
17 Want God heeft haar de wijsheid onthouden, Geen verstand haar geschonken.
18 Toch rent ze weg, zodra de boogschutters komen, En spot met het paard en zijn ruiter!
19 Geeft gij het paard zijn heldenmoed, Hebt gij zijn nek met kracht bekleed;
20 Laat gij als een sprinkhaan het springen, Laat gij het hinniken, geweldig en fier?
21 Het draaft door het dal, het juicht in zijn kracht, En stormt op de wapenen aan;
Read Job 39 in the app The whole chapter