The Bible › Canisiusvertaling 1939 › Genesis 21
Toch zal Ik ook van den zoon der slavin een volk maken, omdat hij uw kind is.
Genesis 21:13 · Canisiusvertaling 1939
← PreviousRead Genesis 21Next →
And also of the son of the bondwoman will I make a nation, because he is thy seed.
But I will also make a nation of the slave woman’s son, because he is your offspring.”
I will also make a nation of the son of the servant, because he is your child.”
Every translation above is public domain and free to share. Other versions — NIV · ESV · NKJV · NLT · NASB · CSB · AMP — are copyrighted and open on their publishers’ partner site.
10 sprak ze tot Abraham: Jaag die slavin met haar zoon weg; want de zoon van die slavin mag geen erfgenaam worden met mijn zoon Isaäk.
11 Dit woord verdroot Abraham om zijn zoon.
12 Maar God sprak: Wees niet verdrietig om den knaap en om uw slavin. Willig alles in, wat Sara u zegt; want alleen wat van Isaäk afstamt, zal uw nakomelingschap worden genoemd.
13 Toch zal Ik ook van den zoon der slavin een volk maken, omdat hij uw kind is.
14 Daarom nam Abraham de volgende morgen brood en een zak water, gaf ze aan Hagar, zette het kind op haar schouder, en zond haar weg. Zij ging heen, maar verdwaalde in de woestijn van Beër-Sjéba.
15 Toen het water uit de zak op was, legde zij den jongen onder een der struiken neer.
16 Zelf ging zij op een boogschot afstand daar tegenover zitten; want ze zei: Ik kan het kind niet zien sterven. En terwijl ze zo tegenover hem zat, begon ze hardop te snikken.
Read Genesis 21 in the app The whole chapter