The Bible › Canisiusvertaling 1939 › Acts 21
Zijt ge dan de Egyptenaar niet, die laatst dat oproer heeft verwekt, en vier duizend bandieten naar de woestijn met zich mee heeft gelokt?
Acts 21:38 · Canisiusvertaling 1939
Art not thou that Egyptian, which before these days madest an uproar, and leddest out into the wilderness four thousand men that were murderers?
“Aren’t you the Egyptian who incited a rebellion some time ago and led four thousand members of the ‘Assassins’ into the wilderness?”
Aren’t you then the Egyptian who before these days stirred up to sedition and led out into the wilderness the four thousand men of the Assassins?”
Every translation above is public domain and free to share. Other versions — NIV · ESV · NKJV · NLT · NASB · CSB · AMP — are copyrighted and open on their publishers’ partner site.
35 Op de trappen moest hij zelfs door de soldaten worden gedragen om het opdringen van het volk.
36 Want de volkshoop bleef volgen, en roepen: Weg met hem.
37 Juist toen Paulus de burcht zou worden binnengebracht, zeide hij tot den hoofdman: Mag ik u misschien iets zeggen? Hij antwoordde: Kent ge grieks?
38 Zijt ge dan de Egyptenaar niet, die laatst dat oproer heeft verwekt, en vier duizend bandieten naar de woestijn met zich mee heeft gelokt?
39 Paulus hernam: Ik ben een jood, van Tarsus in Cilicië, burger ener stad, die niet zonder betekenis is. Ik bid u, laat me spreken tot het volk.
40 Toen hij verlof had gegeven, ging Paulus op de trappen staan, en wenkte met de hand tot het volk. En toen het doodstil was geworden, sprak hij hen toe in het hebreeuws, en zeide:
Read Acts 21 in the app The whole chapter