The Bible › Canisiusvertaling 1939 › Proverbs 11
Er zijn mensen, die maar uitdelen, en nòg worden ze rijker; Anderen, die maar oppotten, en ze gaan achteruit.
Proverbs 11:24 · Canisiusvertaling 1939
← PreviousRead Proverbs 11Next →
There is that scattereth, and yet increaseth; and there is that withholdeth more than is meet, but it tendeth to poverty.
One gives freely, yet gains even more; another withholds what is right, only to become poor.
There is one who scatters, and increases yet more. There is one who withholds more than is appropriate, but gains poverty.
Every translation above is public domain and free to share. Other versions — NIV · ESV · NKJV · NLT · NASB · CSB · AMP — are copyrighted and open on their publishers’ partner site.
21 De hand erop: een boze zal zijn straf niet ontlopen, Maar het geslacht der rechtvaardigen wordt behouden.
22 Een gouden ring in een varkenssnuit, Is een knappe vrouw, die geen hersens heeft.
23 De wens der rechtvaardigen loopt uit op geluk, De verwachting der bozen op toorn.
24 Er zijn mensen, die maar uitdelen, en nòg worden ze rijker; Anderen, die maar oppotten, en ze gaan achteruit.
25 Iemand, die weldoet, wordt welgedaan; En wie iemand te drinken geeft, zal worden gelaafd.
26 Wie het koren inhoudt, wordt door het volk verwenst, Maar een zegenbede daalt op het hoofd van wie het verkoopt.
27 Wie naar het goede streeft, vindt welbehagen; Wie het kwaad najaagt, hem zal het treffen.
Read Proverbs 11 in the app The whole chapter