The Bible › Canisiusvertaling 1939 › Job 29
Dien de ondergang dreigde, zegende mij, Het hart der weduwe vrolijkte ik op;
Job 29:13 · Canisiusvertaling 1939
The blessing of him that was ready to perish came upon me: and I caused the widow's heart to sing for joy.
The dying man blessed me, and I made the widow’s heart sing for joy.
the blessing of him who was ready to perish came on me, and I caused the widow’s heart to sing for joy.
Every translation above is public domain and free to share. Other versions — NIV · ESV · NKJV · NLT · NASB · CSB · AMP — are copyrighted and open on their publishers’ partner site.
10 De stem der leiders verstomde, Hun tong kleefde aan hun gehemelte vast;
11 Toen het oor, dat het hoorde, mij gelukkig prees En het oog, dat het zag, mij bijval schonk!
12 Want ik hielp den arme, die om bijstand riep, Den wees, die geen helper meer had;
13 Dien de ondergang dreigde, zegende mij, Het hart der weduwe vrolijkte ik op;
14 Rechtschapenheid trok ik aan als een kleed, Mijn gerechtigheid als een mantel en kroon.
15 Ik was de ogen voor blinden, De voeten voor kreupelen;
16 Voor armen was ik een vader, Voor onbekenden onderzocht ik het pleit.
Read Job 29 in the app The whole chapter