The Bible › Canisiusvertaling 1939 › Genesis 37
Jakob bleef in het land Kanaän wonen, waar ook zijn vader had vertoefd.
Genesis 37:1 · Canisiusvertaling 1939
← PreviousRead Genesis 37Next →
And Jacob dwelt in the land wherein his father was a stranger, in the land of Canaan.
Now Jacob lived in the land where his father had resided, the land of Canaan.
Jacob lived in the land of his father’s travels, in the land of Canaan.
Every translation above is public domain and free to share. Other versions — NIV · ESV · NKJV · NLT · NASB · CSB · AMP — are copyrighted and open on their publishers’ partner site.
1 Jakob bleef in het land Kanaän wonen, waar ook zijn vader had vertoefd.
2 En dit is de familiegeschiedenis van Jakob: Toen Josef zeventien jaar oud en dus nog een knaap was, en hij met zijn broers, met de zonen van Bilha en de zonen van Zilpa, de vrouwen van zijn vader, de kudde weidde, bracht hij de kwade geruchten, die over hen liepen, aan hun vader over.
3 Ook hield Israël meer van Josef dan van zijn andere zonen, omdat hij hem nog op zijn oude dag geboren was; daarom liet hij hem een kleurig gewaad maken.
4 Toen zijn broeders dus bemerkten, dat hun vader hem meer beminde dan al zijn broers, begonnen zij hem te haten, en gunden hem geen vriendelijk woord meer.
Read Genesis 37 in the app The whole chapter