The Bible › Canisiusvertaling 1939 › Genesis 21
En zij zeide: Wie had tot Abraham durven zeggen: Sara zal nog kinderen voeden? Toch heb ik een zoon gebaard op zijn oude dag.
Genesis 21:7 · Canisiusvertaling 1939
← PreviousRead Genesis 21Next →
And she said, Who would have said unto Abraham, that Sarah should have given children suck? for I have born him a son in his old age.
She added, “Who would have told Abraham that Sarah would nurse children? Yet I have borne him a son in his old age.”
She said, “Who would have said to Abraham that Sarah would nurse children? For I have borne him a son in his old age.”
Every translation above is public domain and free to share. Other versions — NIV · ESV · NKJV · NLT · NASB · CSB · AMP — are copyrighted and open on their publishers’ partner site.
4 En Abraham besneed zijn zoon Isaäk, toen hij acht dagen oud was, zoals God hem bevolen had.
5 Abraham was bij de geboorte van zijn zoon Isaäk honderd jaar oud.
6 Sara zeide: God heeft mij reden tot lachen gegeven; en ook iedereen, die het hoort, zal lachen.
7 En zij zeide: Wie had tot Abraham durven zeggen: Sara zal nog kinderen voeden? Toch heb ik een zoon gebaard op zijn oude dag.
8 Het kind groeide op, en werd aan de borst ontwend; en toen Isaäk van de borst werd afgenomen, richtte Abraham een groot feestmaal aan.
9 Maar toen Sara den zoon, dien Hagar de Egyptische aan Abraham geschonken had, haar eigen zoon Isaäk zag uitlachen,
10 sprak ze tot Abraham: Jaag die slavin met haar zoon weg; want de zoon van die slavin mag geen erfgenaam worden met mijn zoon Isaäk.
Read Genesis 21 in the app The whole chapter