The Bible › Canisiusvertaling 1939 › Exodus 21
dan moet de eigenaar van de put schadeloosstelling geven, en de prijs betalen aan den eigenaar van het dier; het dode dier kan hij behouden.
Exodus 21:34 · Canisiusvertaling 1939
← PreviousRead Exodus 21Next →
The owner of the pit shall make it good, and give money unto the owner of them; and the dead beast shall be his.
the owner of the pit shall make restitution; he must pay its owner, and the dead animal will be his.
the owner of the pit shall make it good. He shall give money to its owner, and the dead animal shall be his.
Every translation above is public domain and free to share. Other versions — NIV · ESV · NKJV · NLT · NASB · CSB · AMP — are copyrighted and open on their publishers’ partner site.
31 Stoot hij een jongen of een meisje, dan geldt dezelfde regel.
32 Maar stoot de stier een slaaf of slavin, dan moet de eigenaar dertig zilveren sikkels aan hun meester betalen, en de stier zal worden gestenigd.
33 Wanneer iemand een put heeft opengelaten, of een kuil heeft gegraven zonder hem af te dekken, en een rund of ezel valt er in,
34 dan moet de eigenaar van de put schadeloosstelling geven, en de prijs betalen aan den eigenaar van het dier; het dode dier kan hij behouden.
35 Wanneer iemands stier dien van een ander zo stoot, dat deze sterft, dan moeten ze den levenden stier verkopen, en de opbrengst ervan, zowel als het gedode dier, samen delen.
36 Maar was het bekend, dat de stier reeds langere tijd stotig was, en heeft de eigenaar hem toch niet bewaakt, dan moet hij hem de volle waarde vergoeden, een stier voor een stier; maar het dode beest mag hij behouden.
Read Exodus 21 in the app The whole chapter