The Bible › Canisiusvertaling 1939 › Deuteronomy 13

Deuteronomy 13:5

En die profeet of die dromer moet ter dood worden gebracht, omdat hij afval gepreekt heeft van Jahweh, uw God, die u uit Egypte heeft geleid en uit het slavenhuis bevrijd, en omdat hij u van de weg wil afbrengen, die Jahweh, uw God, u gebood te bewandelen. Roeit dit kwaad in uw midden uit.

Deuteronomy 13:5 · Canisiusvertaling 1939

← PreviousRead Deuteronomy 13Next →

Deuteronomy 13:5 in other translations

KJV King James Version

And that prophet, or that dreamer of dreams, shall be put to death; because he hath spoken to turn you away from the LORD your God, which brought you out of the land of Egypt, and redeemed you out of the house of bondage, to thrust thee out of the way which the LORD thy God commanded thee to walk in. So shalt thou put the evil away from the midst of thee.

BSB Berean Standard Bible

Such a prophet or dreamer must be put to death, because he has advocated rebellion against the LORD your God, who brought you out of the land of Egypt and redeemed you from the house of slavery; he has tried to turn you from the way in which the LORD your God has commanded you to walk. So you must purge the evil from among you.

WEB World English Bible

That prophet, or that dreamer of dreams, shall be put to death, because he has spoken rebellion against the LORD your God, who brought you out of the land of Egypt and redeemed you out of the house of bondage, to draw you aside out of the way which the LORD your God commanded you to walk in. So you shall remove the evil from among you.

Every translation above is public domain and free to share. Other versions — NIV · ESV · NKJV · NLT · NASB · CSB · AMP — are copyrighted and open on their publishers’ partner site.

In context

2 wanneer zelfs het teken of wonder, waarop hij zich beroept, in vervulling mocht gaan, als hij zegt: “Laat ons vreemde goden volgen, die gij niet kent, en ze dienen”;

3 dan moogt ge toch niet naar de woorden van dien profeet of dien dromer luisteren. Want Jahweh, uw God, stelt u dan op de proef, om te weten of gij werkelijk Jahweh, uw God, met heel uw hart en heel uw ziel wilt beminnen.

4 Slechts Jahweh, uw God, moet ge volgen en vrezen, zijn geboden onderhouden, Hem gehoorzamen en dienen, en u hechten aan Hem.

5 En die profeet of die dromer moet ter dood worden gebracht, omdat hij afval gepreekt heeft van Jahweh, uw God, die u uit Egypte heeft geleid en uit het slavenhuis bevrijd, en omdat hij u van de weg wil afbrengen, die Jahweh, uw God, u gebood te bewandelen. Roeit dit kwaad in uw midden uit.

6 Of wanneer uw broer, de zoon van uw vader, of de zoon van uw moeder, uw zoon of uw dochter, of de vrouw in uw armen of uw boezemvriend, u in het geheim wil verleiden, en zegt: “Laat ons vreemde goden gaan dienen”, goden die gij noch uw vaderen hebben gekend,

7 goden der volken, die rondom u wonen, dicht bij of veraf, van het ene einde der aarde tot het andere:

8 dan moogt ge daarin niet toestemmen en niet naar hem luisteren. Ge moogt geen medelijden met hem hebben, hem niet sparen, en zijn schuld niet verzwijgen;

Read Deuteronomy 13 in the app The whole chapter

Search the Scriptures

Choose a translation

KJVBSBWEBNHEBASVYLTDBYWBTBBEEBRGNVDRALUTCANRIVLSGRVABPMYORIGBSWATGLIRV