The Bible › Canisiusvertaling 1939 › Acts 7
Maar hij, die den ander onrecht deed, wees hem af, en zeide: “Wie heeft u tot hoofd en rechter over ons gesteld?
Acts 7:27 · Canisiusvertaling 1939
But he that did his neighbour wrong thrust him away, saying, Who made thee a ruler and a judge over us?
But the man who was abusing his neighbor pushed Moses aside and said, ‘Who made you ruler and judge over us?
But he who did his neighbor wrong pushed him away, saying, ‘Who made you a ruler and a judge over us?
Every translation above is public domain and free to share. Other versions — NIV · ESV · NKJV · NLT · NASB · CSB · AMP — are copyrighted and open on their publishers’ partner site.
24 En toen hij zag, dat een van hen werd mishandeld nam hij zijn verdediging op, en wreekte den mishandelde, door den Egyptenaar neer te slaan.
25 Nu meende hij, dat de broeders zouden begrijpen, dat God hun redding bracht door zijn hand; maar ze begrepen het niet.
26 Want de volgende dag kwam hij bij een twist tussenbeide, trachtte de twistenden tot vrede te brengen, en sprak: “Mannen, gij zijt broeders: Waarom doet gij elkander onrecht?”
27 Maar hij, die den ander onrecht deed, wees hem af, en zeide: “Wie heeft u tot hoofd en rechter over ons gesteld?
28 Wilt ge ook mij doden, zoals ge gisteren den Egyptenaar hebt gedood?”
29 Hierop nam Moses de vlucht, en woonde als balling in het land van Midjan, waar hij twee zonen kreeg.
30 Veertig jaar later verscheen hem in de woestijn van de berg Sinaï een engel in de vlam van een brandend braambos
Read Acts 7 in the app The whole chapter